Wetenschappelijke taal kan menselijker

Gepubliceerd op 10 juni 2026 om 11:59

“In den beginne schiep God de hemel en de aarde” (Genesis 1) en: “In den beginne was het woord” (Johannes 1) . In dit miniatuurtje zal ik geen theologische verhandeling houden, maar een impressie.

Terwijl ik de laatste loodjes van mijn masterstudie aan het afleggen ben, worstel ik met taal. De taal in de wetenschap is de afgelopen paar honderd jaar opgeschoven van narratief/filosofisch (Fyfe et.al. 2015) naar strikt zakelijk en informatief. Met het oog op informatie en natrekbaarheid is hier iets voor te zeggen. Vanuit het oogpunt van A.I. niet, A.I. is de beste wetenschappelijke schrijver die er is. Dit is een bewering die ik staaf vanuit gesprekken met medestudenten bij koffieautomaten, die een hoog cijfer kregen voor prompten, en niet voor een wetenschappelijk onderzoek, to put it mildly. 

Taal is creatief, zoals God creatief is. Vanuit het joods-christelijke frame begint onze geschiedenis met scheppen en onderscheiden. Waarom niet creatiever omgaan met wetenschappelijke teksten? Kunstmatige intelligentie is niet menselijk. In hoeverre kun je menselijkheid combineren met wetenschap, qua schrijfstijl?  Laten we dit kort bespreken met onze kunstmatig intelligente vriendin. Wat vind jij hiervan, Chat? 

Chat: “De vraag is niet of wetenschappelijke teksten creatiever moeten worden, maar hoe de mens zichtbaar blijft in wetenschappelijk schrijven nu machines de vorm ervan steeds beter kunnen nabootsen." 

Dit vind ik een goed punt van Chat. Met objectivering haal je de wetenschapper uit de tekst, maar haal je hem ook uit het onderzoek? Ieder onderzoek begint met menselijke verwondering en nieuwsgierigheid. Met een verlangen naar ont-dekken. Waarom heeft God de aarde geschapen? Was dat misschien uit hetzelfde verlangen naar ont-dekking?  Misschien moet verwondering terug in wetenschappelijke teksten. 



Fyfe, A., McDougall-Waters, J., & Moxham, N. (2015). 350 years of scientific periodicals. Notes And Records The Royal Society Journal Of The History Of Science, 69(3), 227–239. https://doi.org/10.1098/rsnr.2015.0036

Maak jouw eigen website met JouwWeb