We waren er bij.

Gepubliceerd op 12 juli 2026 om 15:49

Dat warme zand aan de kust, waar we van plan waren op de gaan slapen die nacht. We hadden brood mee, en hummus. Iemand had een vuur gestookt. We vertelden verhalen over vroeger, nu en de toekomst. De tijd ging door, de zon ging onder. We lachten. 

We gingen toch nog even zwemmen. “Niet te ver,” zei iemand, “het is donker, dat is gevaarlijk.” Maar we renden het water in en trokken onder het rennen onze kleren uit, er was alleen het maanlicht en de sterren. 

We praatten in vreemde talen,  Frans, Nederlands, en er waren ook een paar Engelsen. Iedereen kwam weer het water uit, een beetje rillerig en nat van de zee. Er ging een fles wijn rond. In een hoekje begonnen er twee te zoenen, daarna liep het duo verder weg, tot het donker ze opslokte en je heel in de verte alleen maar zuchtende geluiden hoorde. 

“Ik ben moe,” zei iemand, het was inmiddels twee uur ‘s nachts. Sommigen gingen slapen, er waren dekens. Anderen bleven bij het vuur zitten praten, en zwijgen, soms stond iemand op om wat in het vuur te gooien. 

In de ochtend werden we allemaal wakker, en gingen we arm in arm kijken hoe de zon opkwam, met onze voeten in de vloed. 

Dit was de eerste dag van de rest van ons leven, dachten we. We wisten toen nog niet dat deze 24 uur onvertaalbaar en onherhaalbaar waren. Ik weet niet eens meer hoe we allemaal heetten.

Maak jouw eigen website met JouwWeb